Messiaans Jodendom

Messiaans Jodendom staat voor die groep Joden wereldwijd die belijden dat Jezus de Messias is en die tegelijk als Joden de Thora blijven onderhouden. In de Engelstalige wereld staan ze bekend als ‘Messianic Jews’. Zij hebben hun eigen Messiaans Joodse gemeentes waarin ze zowel gestalte zoeken te geven aan hun Jood zijn als aan hun geloof in Jezus als de Messias van Israël. Deze nog tamelijk jonge beweging is met name doorgebroken sinds eind jaren zestig van de vorige eeuw in de Verenigde Staten, maar ze heeft haar wortels deels al in de 19e eeuw. Veel jonge Amerikaanse Joden kwamen in die roerige jaren zestig radicaal tot geloof in Jezus als de Joodse Messias. Het had trekken van een nieuwe opwekkingsbeweging. Als Joden voelden deze jonge bekeerlingen zich meestal niet thuis in de gevestigde kerken en begonnen ze Joodse Messiaanse gemeentes op te zetten. De groep Messiaanse Joden wereldwijd is nog niet heel erg groot maar ze groeit wel gestaag, met name in Israël en in de Verenigde Staten, maar ook elders. Daniel Juster, David Stern en Mark Kinzer behoren tot de bekende leiders binnen de beweging. Messiaanse Joden staan in zekere zin heel dicht bij het allereerste begin van de kerk zoals beschreven in het boek Handelingen. In dat allereerste begin bestond de gemeenschap die geloofde dat Jezus de Messias van Israël is nagenoeg geheel uit Joden die de Thora onderhielden.Als ergens de Joodse wortels van de kerk duidelijk worden dan is het wel in de groep van Messiaanse Joden, die deel uit maken van de veel bredere beweging van Messias belijdende Joden. Zoals gezegd komen Messiaanse Joden samen in hun eigen Messiaans Joodse gemeenten. Maar er zijn ook veel Messias belijdende Joden die ervoor kiezen om deel uit te blijven maken van diverse kerkgenootschappen en ook van synagoges. Met name sinds 1967 is het aantal Messias belijdende Joden aanzienlijk in aantal toegenomen. De laatste tien jaar laten ook steeds meer hoogopgeleide Messiaanse theologen van zich horen. Er valt uiteraard veel meer te zeggen over Messiaanse Joden, hun theologie en hun groeiende betekenis voor de kerk van nu. Wie meer wil weten over deze belangrijke en boeiende beweging is het in 2010 verschenen boek ‘Joodse volgelingen van Jezus’ door Kees Jan Rodenburg een aanrader. Dit boek biedt op overzichtelijke wijze een schat aan informatie. Wie zich aanmeldt als donateur van de Jules Isaac Stichting ontvangt dit boek als welkomstcadeau. Voor nadere informatie over donateurschap kunt u op onze pagina ‘Word donateur’ terecht.

Lees meer


Wie is Mark Kinzer?

Mark S. Kinzer is een van de meest invloedrijke Messias belijdende Joodse theologen van dit moment. In 1971 kwam hij tot geloof in Jezus, of zoal hij als Jood zegt: in Yeshua. Hij was toen negentien jaar. Van meet af aan wist hij dat zijn nieuw gevonden geloof binnen de context van het Jodendom uitgeleefd zou gaan worden. Anders gezegd, van begin af aan stond het voor Kinzer vast dat geloof in Jezus geen breuk met zijn Jood zijn en met het Jodendom betekende. Zijn nieuwe geloof in Jezus bleek het begin van een fascinerende ontdekkingstocht waaraan hij de rest van zijn leven is gaan wijden: hoe tegelijk voluit Jood te zijn én voluit gelovige in Jezus als de Messias van Israël en de Zoon van God. En hoe tegelijk voluit deel uit te maken van de ecclesia, de gemeente van Christus én van het Joodse volk. De klassieke opvatting zowel van christelijke als van Joodse zijde is dat dat niet tegelijk kan. Kinzer is tot een heel andere conclusie gekomen: het kan wél, en hij heeft er een nieuwe term voor bedacht: ‘bilaterale ecclesiologie’. Bilaterale ecclesiologie staat voor een opvatting over het wezen van de Kerk die als geen ander de diepe verbondenheid van Jezus, Israël en de Kerk recht doet en toelicht. In dit ‘model’ functioneert Messiaans Jodendom als een brug tussen enerzijds het volk Israël en de kerk uit de volken anderzijds. Het Messiaans Jodendom heeft de mogelijkheid om deze unieke brugfunctie te (gaan) vervullen omdat ze tegelijk deel uitmaakt van het volk Israël en van de Kerk. Op dit moment is dit echt nog toekomstmuziek. Menselijk gesproken zijn we daar nog lang niet. Maar Kinzer is er diep van overtuigd dat God dit zelf mogelijk zal gaan maken en realiseren: het helen van de breuk tussen kerk en jodendom. En daarvoor ziet Kinzer een unieke en profetische rol weggelegd voor wat hij noemt ‘Messianic Judaism’. In zijn boek uit 2005, ‘Postmissionary Messianic Judaism’ legt Kinzer zijn exegetische en theologische kaarten hiervoor op tafel. Het is mijns inziens een van de belangrijkste boeken over de relatie Kerk-Israël die de afgelopen tien jaar zijn verschenen. Kinzers voorstellen verdienen de volle aandacht van iedere serieuze theoloog.

Lees meer


Waar staat het woord ‘post-supersessionist’ voor?

In het Engels worden doorgaans twee termen gebruikt voor ‘vervangingstheologie’: ‘replacement theology’ en ‘supersessionism’. Het Engelse woord supersessionism is afgeleid van het Latijns woord ‘supersedere’ wat letterlijk ‘zitten op’ betekent maar ook de betekenis ‘superieur zijn aan’ kan hebben. Supersessionism drukt de gedachte uit dat de kerk op de plaats van Israël is gaan zitten en zich superieur acht aan Israël. De vervangingsgedachte dus. In de meer wetenschappelijke Engelstalige theologie is supersessionism doorgaans de gangbare term voor vervangingstheologie.

Lees meer


De heilige missie van Jules Isaac: Jezus en Israël onopgeefbaar verbonden

Dit artikel verscheen in 2015 in het juni nummer van Israël en de Kerk, een uitgave van Christenen voor Israël.

door J. Bol

Komend najaar 28 oktober is het exact vijftig jaar geleden dat de Rooms Katholieke Kerk met de verklaring Nostra Aetate geschiedenis schreef in haar relatie tot het Joodse volk. Deze historische gebeurtenis vond plaats tijdens het Tweede Vaticaans Concilie. Paus Johannes Paulus XXIII riep 25 januari 1959, voor velen volkomen onverwacht, dit concilie bijeen. Het was een persoonlijk initiatief van de nieuwe paus. Slechts weinigen hadden zoiets verwacht van voormalig kardinaal Angelo Roncalli. De Italiaan was nog maar kort tevoren, na het overlijden van Paus Pius XII, op 28 oktober 1958 door de vergadering van kardinalen tot paus was verkozen. Angelo Roncalli is dan al 77 jaar en wordt vanwege zijn leeftijd door velen als een tussenpaus gezien, iemand van wie geen opzienbare stappen verwacht hoefden te worden. Maar dat pakt heel anders uit.
Het Tweede Vaticaans Concilie ging na gedegen voorbereiding ruim drie jaar later op 11 oktober 1962 van start. Het zou iets meer dan drie jaar gaan duren. De verwachtingen zijn hoog gespannen. Het concilie staat regelmatig in de schijnwerpers van de internationale pers. Paus Johannes XXIII is zich bewust van de vele ingrijpende veranderingen in zijn dagen. Dit besef leeft bij veel van de kardinalen en bisschoppen, al zijn er ook conservatieve krachten die alles het liefst bij het oude willen laten. Het koloniale tijdperk loopt op zijn laatste benen, derde wereld landen worden in rap tempo zelfstandige staten. Europa heeft twee verwoestende wereldoorlogen achter de rug. Het hele continent moet na 1945 weer opgebouwd worden. Het zelfvertrouwen van de westerse cultuur heeft ernstige deuken opgelopen Het is ook de tijd waarin de moderne media hun vlucht beginnen te nemen. En waarin Oost en West elkaar met de dreiging van een allesvernietigende atoomoorlog in de houdgreep houden. De Sovjet Unie met haar communistische ideologie was een reële dreiging voor de Westerse wereld en de wereldkerk. De nieuwe paus acht het onontkoombaar dat de Rooms Katholieke Kerk zich grondig bezint over de vraag wat haar antwoord op dit alles moet zijn. De kerk moet ‘bij de tijd’ gebracht worden, ze kan niet gewoon op de oude voet doorgaan. Een bepaalde modernisering wordt onontkoombaar geacht. ‘Aggiornamento’ is het sleutelwoord. Een van de resultaten van het concilie is dat de mis, de rooms katholieke eredienst voortaan niet meer in het latijn maar in de landstalen gehouden zal gaan worden. Ook gaat de Bijbel een veel grotere rol spelen in liturgie, catechese en diaconie. Leken krijgen ruimte om een grotere rol te spelen in de parochies. De kerk wordt in plaats van een instituut nu veel meer als ‘volk van God’ gezien. Er komt openheid voor oecumene, de luiken gaan open naar Protestante en Orthodoxe kerken. Maar er was meer.

Lees meer


Bloed, zweet en tranen

De aanloop naar Nostra Aetate

Naar aanleiding van ‘From Enemy to Brother, the revolution in catholic teaching on the Jews 1933-1965, John Connelly, Harvard University Press, 2012

‘Van Vijand tot Broeder, de revolutie in de katholieke leer over de Joden 1933-1965, John Connelly, Harvard University Press, 2012 ( N.B. Er bestaat geen Nederlandse vertaling van dit boek, ik heb de titel slechts vertaald voor wie het Engels niet machtig is).

Door J. Bol

In 2012 verscheen een indrukwekkende en intussen al veelbesproken studie van de Amerikaanse historicus John Connelly. Het 376 pagina’s tellende boek is in tal van recensies in de V.S. geprezen als een baanbrekende studie die belangwekkende nieuwe feiten aan het licht brengt. Connelly deed voor het schrijven van dit boek maar liefst tien jaar onderzoek naar de ontstaansgeschiedenis van Nostra Aetate. Het boek is dan ook zeer gedocumenteerd, eindnoten, bibliografie en index beslaan samen maar liefst 73 pagina’s.

Lees meer


Het dubbele liefdesgebod in jodendom en christendom

Door J. Bol

Dit artikel is de vrucht van enkele jaren broeden op de plek van de liefde in de theologie. Het is de vrucht van een spannend en bij tijden ook lastig denkproces. Vrucht ook van een zoektocht naar antwoorden op dringende vragen. Een zoektocht die me veel gebracht heeft maar die zeker nog niet is afgerond. Zonder de liefde ben je met al je kennis volgens de apostel Paulus nog steeds niets. (1 Kor. 13) Kun je eigenlijk wel theologie bedrijven zonder de liefde?

Lees meer


Opwekking en liefde voor Israël

door J. Bol

De relatie van het christendom met het jodendom is vanaf de vroege kerk in de tweede eeuw tot de dag van vandaag altijd een gecompliceerde geweest. Dat gecompliceerde kent gelukkig gradaties. De periode van de tweede eeuw tot aan de reformatie was er een van nagenoeg universeel beleden vervangingsdenken en antijudaïstische theologie. En vooral vanaf de kruistochten, een van veelvuldig geweld tegen de in christelijk Europa levende Joden. Het valt historisch niet te ontkennen dat met name in de Middeleeuwen de Europese Joden regelmatig onnoemelijk zwaar onrecht is aangedaan, met name de moordpartijen tijdens de kruistochten en de Spaanse Inquisitie als wel het meest bekende voorbeeld hiervan. Dit stuk kerkgeschiedenis is in veel opzichten niet bepaald het meest verheffende geweest. Van iets als opwekking was slechts heel sporadisch hier en daar sprake. Er kwam begin 1500 uiteindelijk niet voor niets een Reformatie.

Lees meer


Israël zegenen

Preek Israëlzondag 7 oktober 2012

Door: J. Bol

LEZEN uit HSV: Genesis 12:1-7 en Efeze 1: 3-4

De Heere nu zei tegen Abram: Gaat uit uw land, uit uw familiekring en uit het huis van uw vader, naar het land dat Ik u wijzen zal. Ik zal u tot een groot volk maken, u zegenen en uw naam groot maken; en Ik zal u tot zegen zijn. Ik zal zegenen wie u zegenen, en wie u vervloekt zal Ik vervloeken; en in u zullen alle geslachten van de aardbodem gezegend worden. Toen ging Abram op weg, zoals de Heer tot hem gesproken had, en Lot ging met hem mee. Abram was vijfenzeventig jaar oud toen hij uit Haran vertrok.

Gezegend zij de God en Vader van onze Heer Jezus Christus, Die ons gezegend heeft met alle geestelijke zegen in de hemelse gewesten in Christus, omdat Hij ons voor de grondlegging van de wereld in Hem uitverkoren heeft, opdat wij heilig en smetteloos voor Hem zouden zijn in de liefde.

Lees meer


Kan niet zonder, mag niet zonder

De onopgeefbare verbondenheid van Kerk en Israël

Lezing gehouden op de themadag George Whitefield Stichting 31 maart 2007:

dr. H.A. Bakker

‘Een bescheiden poging’

De woorden ‘Een bescheiden poging’ zijn een vertaling van de eerste woorden van een geschrift van Jonathan Edwards (1703-1758). In 1747 schreef deze late puritein zijn bekende traktaat An Humble Attempt1 waarin hij de christenheid in zijn dagen opriep om aanhoudend gezamenlijk in gebed te gaan en God te bidden om een opwekking. Ik wil me in geen enkel opzicht met Edwards vergelijken en noem mijn lezing daarom ‘Een bescheiden poging’ om feitelijk hetzelfde te zeggen: laten de christenen de handen ineenslaan en vervolgens ook vouwen om God te vragen met Zijn Geest op het wereldtoneel in te grijpen en daarbij in het bijzonder om te zien naar het joodse volk Israël. Met dit pleidooi bevinden we ons helemaal op het spoor van de apostel Paulus (in Romeinen 11: 25-27) en de theoloog van de opwekking Jonathan Edwards. Bijzonder is dat veel puriteinen in de zestiende en zeventiende eeuw al een Israëlvisie hadden en zich daarbij beriepen op grondleggende teksten bij Paulus2 zoals die zich nooit zo heeft ontwikkeld onder de continentale Lutheranen en Calvinisten. Edwards heeft zijn visie op het fenomeen opwekking en Israël uit de puriteinse traditie overgenomen en op zijn dagen toegesneden. Hij las uit de tekenen der tijden in zijn dagen af dat God de kerk aan het voorbereiden was op een grootschalig ingrijpen van boven. Hier en daar vonden in Europa en Amerika lokaal opwekkingen plaats. Was het niet tijd om God te vragen dieper in te grijpen en de kerk wereldwijd te bekrachtigen? Was het niet tijd dat dan ook het joodse volk (wat toen nog geen eigen land had) zich tot Jezus de Christus zou bekeren? De kerk zou dan aan het begin van een nieuw tijdperk staan en met buitengewone genade het evangelie wereldwijd verspreiden en verkondigen. Landen en volken overal ter wereld zouden tot Jezus komen. Pas als de grote oogst was binnen gehaald, waaronder ook de joodse meerderheid, dan pas zou Jezus’ wederkomst nabij zijn. Wat kunnen wij hieruit leren voor vandaag?

Lees meer


Leven en werken van John Owen – Een inleiding

Door J. Bol

De puritein John Owen is een van de belangrijkste theologen die Engeland ooit gekend heeft. Wanneer er iemand moet worden aangewezen als de held van dit boek, dan komt niemand daarvoor meer in aanmerking dan Owen. Zijn tijd kende vele theologen van zeer groot formaat, maar Owen stak met kop en schouders boven allen uit. C.H. Spurgeon noemde hem ‘de prins onder de godgeleerden’. Tegenwoordig kent bijna niemand hem en met die onwetendheid doen we onszelf in ernstige mate te kort.1

Met deze woorden begint J.I. Packer in zijn boek Among God’s Giants het hoofdstuk dat handelt over The spirituality of John Owen (“John Owen over het geestelijk leven”). Dit boek van Packer werd in 1991 in Engeland uitgeroepen tot het beste christelijke boek van het jaar. Het bevat in totaal twintig uitmuntende artikelen over de puriteinen en hun betekenis voor vandaag. Vier van de twintig hoofdstukken handelen over John Owen. Men kan Packer dus niet verwijten dat hij zich niet heeft ingespannen iets te doen aan de door hem gesignaleerde wijdverbreide onwetendheid met de belangrijkste theoloog onder de engelse puriteinen.

Lees meer