Het thema van de studiedag was: “Hoe kan het nieuwe denken over jodendom en Israël gemakkelijker landen in de kerken?” De studiedag vond plaats in het gebouw van de Christelijke Hogeschool Ede (CHE) en werd bijgewoond door ongeveer tachtig mensen. Na de opening door Jeroen Bol, de voorzitter van de Jules Isaac Stichting, werden er drie lezingen gehouden. Achtereenvolgens door Ruben van der Slik, chazan en voorganger in de Ahavat Olam Synagoge in Alblasserdam, dr. Michael Mulder, docent Nieuwe Testament en Judaïca aan de Theologische Universiteit Apeldoorn en dr. Marco Rotman, docent Nieuwe Testament en onderzoeker aan de CHE. Na afloop van de lezingen namen de sprekers deel aan een forumdiscussie onder leiding van Jerry Thuis, bestuurslid van de Jules Isaac Stichting.
Lezingen studiedag nu beschikbaar op deze website
Jeroen Bol ging in zijn openingswoord in op de pioniersrol die de Franse historicus Jules Isaac (1877-1963) heeft vervuld in de ontmaskering van de anti-Joodse vooroordelen in de christelijke theologie. De Jules Isaac Stichting is naar deze pionier vernoemd. De Stichting zet zich inmiddels al tien jaar in om de kerken te wijzen op het on-Bijbelse karakter van de anti-Joodse vervangingsleer. De jaarlijkse studiedagen gebruikt de Stichting om voorgangers en gemeenteleden informatie aan te reiken over de Joodse wortels van het Nieuwe Testament en over de verbondenheid van christenen met het Joodse volk.
Ruben van der Slik hield een lezing getiteld “Jezus in de Synagoge, Israël in de Kerk”. Hij merkte op, dat in de praktijk het Joods-zijn én het onderhouden van de Tora nauwelijks binnen de kerkmuren passen. Om die reden is er een Messiaans-Joodse gemeenschap ontstaan, waarin Joden hun eigen identiteit kunnen blijven behouden. Er zijn dus twee gemeenschappen, die samen één gemeente vormen: een bilaterale ecclesia. Ruben reikte enkele handvatten aan waarmee kerken hun voordeel kunnen doen in de prediking. Zo riep hij op tot het vermijden van een karikaturale schildering van Joden. Het beeld dat “Joden denken door het houden van de wet zalig te kunnen worden” is onjuist. Ook is het volgens Ruben een misvatting dat Paulus zich tegen de wet, de Thora, keert. Hij toonde aan met citaten uit Handelingen en de brieven, dat de opvattingen van Paulus niet strijdig zijn met het Oude Testament.
Dr. Michael Mulder vertelde ons in zijn lezing “Paulus: een christelijke rabbijn?” dat Paulus het Oude Testament (de Tenach) op een rabbijnse manier heeft gelezen. Rabbijnen denken meer “harmonisch” dan “doctrinair”. Aan de hand van enkele voorbeelden liet Mulder zien hoe dat in de praktijk werkt. Als in de Tenach een bepaald woord op meerdere plaatsen voorkomt, dan “haken” rabbijnen die woorden “aan elkaar”. Zo wordt in Exodus 17: 6,7 beschreven hoe er water uit de rots kwam bij Meriba. In Numeri 20: 11-13 komt er op een andere plaats eveneens water uit de rots en wordt opnieuw Meriba genoemd. Kennelijk volgde die rots het volk. Paulus verbindt dat – net als de rabbijnen dat deden – aan elkaar en schrijft in 1 Korinthe 10:4 over de “rots die volgde” (en trekt de lijn vervolgens door naar Christus).
Dr. Marco Rotman gaf zijn lezing de titel “Mag Jezus een Jood zijn?”. Volgens Rotman heeft het Jood-zijn van Jezus eeuwenlang nauwelijks een rol gespeeld in de kerk. Het lijkt vaak alsof Jezus een christen was die tegenover zijn volksgenoten stond. Rotman liet zien dat dit een onjuiste voorstelling van zaken is. Als Jezus zijn leerlingen leert om God als Vader aan te spreken, dan is dat niet iets revolutionairs, maar past het in de gebedscultuur van die tijd. En zo behandelde Rotman nog enkele misverstanden, bijvoorbeeld over melaatsheid. Melaatsen kon je gewoon tegenkomen in een dorp of een synagoge. Het was dan ook niet vreemd als iemand een melaatse aanraakte, zoals Jezus soms deed. Je werd onrein, maar onreinheid is niet hetzelfde als zonde. Door misverstanden over het Joden in stand te houden maken we een karikatuur van het Jodendom. In het onlangs verschenen boek “Nieuwe Testament met Joodse toelichtingen” heeft de Amerikaanse hoogleraar Amy-Jill Levine een aantal misverstanden weerlegd. Zij noemt het in stand houden van foute denkbeelden over het Jodendom “het afleggen van een vals getuigenis”.
In het programma van de studiedag was na elke lezing tijd gereserveerd voor het stellen van vragen. Van die mogelijkheid maakten de toehoorders ruimschoots gebruik. Tijdens de forumdiscussie werden de sprekers bevraagd door Jerry Thuis. De sprekers deden suggesties om de kennis die tijdens de studiedag was opgedaan te gebruiken in de prediking. Zo zouden voorgangers in hun preken meer onderwijs kunnen opnemen over de Joodse achtergrond van het Nieuwe Testament. De sprekers gaven ook leestips mee. Zoals de onlangs verschenen boeken “Nieuwe Testament met Joodse toelichtingen” en het conferentieverslag “Jesus The Messiah of Israel? Messianic Judaism and Christian Theology in Conversation”. Ook werd gewezen op de Chumash, het commentaar van Rashi en de boeken van Jonathan Sacks en Loïs Tverberg.
De leiding van de studiedag was in handen van Robert Bezemer, bestuurslid van de Jules Isaac Stichting.







